BiofuelStatsHoewel bio-energie een duurzame vorm van energie is, zijn milieuorganisaties in veel gevallen geen voorstander van het gebruik van bio-energie. Voornamelijk door onduidelijkheid over de herkomst van de energie zou het soms moeilijk zijn om te bepalen of biomassa daadwerkelijk duurzaam is.

Doordat de herkomst vaak moeilijk is vast te stellen, is het niet bekend of de brandstof daadwerkelijk op een verantwoorde wijze is gemaakt uit biomassa, hoeveel energie wordt gebruikt voor het vervoer en de productie van biobrandstoffen en of de hoeveelheid plantaardig materiaal op peil wordt gehouden (bijvoorbeeld door het planten van nieuwe bossen).

Een ander probleem is dat de productie van eerste generatie biobrandstoffen veel ruimte in beslag neemt en de productie van deze brandstoffen concurreert rechtstreeks met voedselproductie. Wanneer de vraag naar bio-energie blijft stijgen, dan kan dat ertoe leiden dat minder landbouwgrond zal worden gebruikt voor voedselproductie, waardoor er schaarste ontstaat en de prijs van voedsel zal stijgen.

Daarnaast concurreren biobrandstoffen van de tweede generatie in veel gevallen met het duurzaam hergebruik van restafval. Het hergebruik van restafval zou in sommige gevallen echter milieuvriendelijker zijn en tot een grotere reductie van CO2-uitstoot leiden. Er zou dus goed moeten worden bekeken of het gebruik van restafval voor biobrandstof de beste optie is.

Tot slot is de verwerking van biomassa niet altijd milieuvriendelijk en soms komen erg veel schadelijke stoffen vrij. Het gaat daarbij niet alleen om broeikasgassen, maar ook om zware metalen en fijnstof. De negatieve effecten van de verwerking van biomassa zouden daardoor soms groter zijn dan de positieve effecten. Ook is er kritiek op gebruik van genetische manipulatie en de eventueel nadelige gevolgen ervan (vaak onvoorzien) niet alleen voor voedselproductie maar ook voor het milieu. Er zijn uitgebreide rapporten hierover uitgevoerd, door o.a. Committee on Environmental Audit in opdracht van de House of Commons van het Verenigd Koninkrijk.  Hier is de samenvatting van het eerste rapport;

1. Biofuels can reduce greenhouse gas emissions from road transport—but most first generation biofuels have a detrimental impact on the environment overall. In addition, most biofuels are often not an effective use of bioenergy resources, in terms either of cutting greenhouse gas emissions or value-for-money. The Government must ensure that its biofuels policy balances greenhouse gas emission cuts with wider environmental impacts, so that biofuels are only used where they contribute to sustainable emissions reductions.
2. The Government and EU’s neglect of biomass and other more effective policies to reduce emissions in favour of biofuels is misguided. The current policy and support framework must be changed to ensure that sustainable bioenergy resources maximise their potential to generate energy for the lowest possible greenhouse gas emissions. In general biofuels produced from conventional crops should no longer receive support from the Government. Instead the Government should concentrate on the development of more efficient biofuel technologies that might have a sustainable role in the future.

3. The EU Environment Commissioner, Stavros Dimas, recently admitted that the Commission did not foresee all the problems that EU biofuels policy would cause. He indicated that certification would be used to address the negative impacts of biofuels. This is not good enough. The Government should seek to ensure that EU policy changes to reflect the concerns raised in this report. This means implementing a moratorium on current targets until technology improves, robust mechanisms to prevent damaging land use change are developed, and international sustainability standards are agreed.(…)