Nederland is een innovatief land en we willen in 2020 minimaal 20 procent duurzame energie gebruiken, terwijl we in 2030 zelfs 30 procent duurzame energie willen gebruiken. We zullen om deze targets te bereiken steeds meer gebruik moeten maken van biomassa, aangezien met behulp van biomassa op dit moment verreweg de meeste duurzame energie wordt opgewekt en dit zal in de nabije toekomst waarschijnlijk niet veranderen.

Er zal dus meer biomassa benodigd zijn en het is bij de productie van biomassa dus belangrijk om niet uit het oog te verliezen dat we de biomassa op een verantwoordelijke manier moeten produceren. Met een verantwoordelijke wijze bedoelen we in dit geval op een duurzame manier; er moet rekening worden gehouden met de natuur. Gelukkig heeft onze regering dat ook door en daarom wordt er over het algemeen veel onderzoek gedaan naar de gevolgen van een verhoogde vraag naar biomassa.

Een goed voorbeeld is het Convenant Duurzame Agrosectoren, dat in 2020 zal moeten zorgen voor een bijdrage van 32 PJ per jaar aan de totale hoeveelheid opgewekte duurzame energie. Deze energie zal voornamelijk uit de reststromen uit het Nederlands bos moeten komen en het is hierbij natuurlijk belangrijk dat dit op een verantwoorde manier gebeurt en niet ten koste van de biodiversiteit gaat.

Er is daarom een groot onderzoek gedaan en daaruit blijkt dat het voor de biodiversiteit waarschijnlijk weinig gevolgen zal hebben. Hoewel er kleine veranderingen in de biodiversiteit kunnen optreden, zal dit niet leiden tot een aantasting. Een bepaalde boom of plant zou kunnen verdwijnen, maar daarvoor zal in dat geval een andere boom of plant in de plaats komen die de functie overneemt.

We kunnen dus gerust slapen; de hoeveelheid duurzame energie in Nederland zal, mede dankzij biomassa, toenemen en de plannen lijken op een zeer verantwoordelijke wijze te worden uitgevoerd. Nu is het alleen nog maar de vraag of we de 20 procent in 2020 en 30 procent in 2030 daadwerkelijk zullen halen.

Meer over biodiversiteit